2005
Buurtgenoten
Een jaar of wat geleden verhuisden de bewoners van een van de woningen bij mij in de straat. Niets bijzonders zou je zeggen. De mensen die er kwamen te wonen waren mij onbekend, het waren geen mensen met thuiswonende kinderen in ieder geval. Al vrij snel bleek mij dat de mensen ook niet al teveel met kinderen op hadden. En dat is op z’n zachts gezegd vreemd, wanneer je kiest voor een woning midden in een woonwijk met vooral jonge kinderen. En wat doen jonge kinderen? Juist, die spelen, leven, ontdekken en maken geluid. Soms wat meer dan gewenst, maar daar zijn het kinderen voor.
De nieuwe bewoners manifesteerden zich al rap. Of het allemaal wat rustiger kon. Kinderen hoefden maar door de straat te lopen of ze stonden al voor het raam, soms vergezeld van het nodige commentaar, soms zelfs briesend van woede naar buiten vliegend. En ja hoor, het duurde niet al te lang of de vrouw des huizes stond bij mij op de stoep. Niet over mijn kindeen overigens. Nee, over mijn hond, want die poepte op ‘hun’ stukje gras. Nu moet u weten dat dat stukje gras hun zéker niet toebehoorde, en ik het volste recht heb mijn hond daar uit te laten. maar ik kon het ook op een andere plek, dus waarom zou je daar dan een halszaak van maken. Pas in een wat later stadium bereikte mij via via signalen over hun ergernissen rond kinderen. En nu zijn we inmiddels zover dat de kinderen (inmiddels 13, 14 en 15 jaar) donders goed weten wat voor vlees ze in de kuip hebben. En zo als het zo vaak gaat gaat het hier ook zo, ze maken er gebruik van. Een beetje plagen, wetende dat er een reactie zal volgen. Natuurlijk waarschuw je je kinderen dat soort dingen niet te doen. maar als het dan toch gebeurt doe je daar niet al teveel aan. En eerlijk is eerlijk, deze mensen lokken het uit. Deze mensen proberen jou hun wil op te leggen. Deze mensen zijn paranoia. Het maakt niet uit welke kinderen het zijn of waar ze staan, alles is voor hun teveel. Deze mensen hadden er verstandig aan gedaan hier nooit te gaan wonen. ‘Waar wel?’ kan je je afvragen. Ze leven volstrekt in hun eigen wereldje en wensen zich niets aan te trekken van een ander. Mooi, ik nu ook niet meer.











